Geloof en gehoorzaamheid

Geloof en gehoorzaamheid

 

 

 

 

 

 

Rate This

 

 

[Lukas.17:14] Toen Hij hen zag, zei Hij tegen hen: ‘Ga u aan de priesters laten zien.’ Terwijl ze gingen werden ze gereinigd. NBV21

Lezen: Luk.17:11-19

Wat een mooie geschiedenis en wat een belangrijke les vinden we in het stukje van vandaag. Er zijn 10 melaatsen, 9 Joden en 1 Samaritaan, die in hun nood van melaatsheid elkaar hebben opgezocht, want gedeelde smart is halve smart en dan tellen geschillen ineens niet meer! Ze horen dat Jezus in hun gebied is en gaan naar Hem op zoek. En wie zoekt zal vinden, maar dan blijven ze op gepaste afstand (anderhalve meter?) bij Hem staan en roepen, om de afstand te overbruggen en vanuit hun nood. En we weten uit de berijmde Psalmen: Wie Hem aanroept in de nood, vindt Zijn gunst, oneindig groot. (Ps. 86:3 berijmd) En heeft God in het aanroepen geen prachtige belofte gelegd (Jer.33:3]

En ze vragen om ontferming, niet eens specifiek om genezing, hoewel ze waarschijnlijk wel weten dat Hij al eerder melaatsen genezen heeft. En voor ontferming, bewogenheid zijn ze op de juiste plek. En ze noemen Hem ‘Meester’ een titel die eigenlijk alleen de discipelen nog gebruikten. Daarmee tonen ze wel aan, dat ze weten dat Hij de macht heeft om hen te genezen.

Dan gebeurt er iets aparts Jezus bidt niet voor ze (doet Hij trouwens nergens), legt ze de handen niet op, deze keer (andere keren wel bij een melaatse), spreekt niet het Woord van geloof, nee het enige wat Hij vraagt is dat ze zich aan de priesters moeten laten zien, een voorschrift uit Leviticus 14:2-4, dat mensen, die genezen zijn van melaatsheid moeten doen. Maar ze zijn (nog) niet genezen!

Jezus vraagt dus een daad van geloof. Terwijl de zweren nog jeuken en pijn doen op weg gaan naar Jeruzalem of het heiligdom van de samaritanen en daar laten zien dat je genezen bent. Dat dat onderweg gebeurt weten we, omdat ze allemaal genezen worden zie vers 17, als blijkt dat alleen de Samaritaan teruggekeerd is en de Joodse melaatsen dus niet. Dus alle 10, ondanks het feit dat ze het niet allemaal nodig vonden om terug te keren om Jezus te danken, werden genezen, zonder uitzondering!

Maar het was de daad van geloof, die de genezing bracht, niet het machtwoord, gewoon geloof en gehoorzaamheid, 2G dus. Soms moeten ook wij zo’n daad van gehoorzaamheid en geloof doen, opdat er in werking gaat treden wat God heeft beloofd en heeft vrijgezet door het kruis en de striemen van Jezus. Zonder iemand een schuldgevoel van te weinig geloof aan te praten, is het in dit specifieke geval wel van belang. Want door het geloof van de Samaritaanse man is hij genezen (behouden staat hier voor genezen) En we weten dat we dan, net als die vader van die ene jongen mogen zeggen: ‘ik geloof, maar kom mijn ongeloof te hulp!’

Maar laat je genezing niet ontnemen doordat iemand je zegt in onze ogen gekke dingen te gaan doen, doe ze in geloof en verwacht het alleen van Hem!

05-12-2021