De eerste dag

De eerste dag, Gen. 1:5

“En God noemde het licht dag, en de duisternis noemde Hij nacht. Toen was het avond geweest, en het was morgen geweest, de eerste dag.”

In het begin van de schepping van de hemel en de aarde en van de duisternis en het licht werd de nacht genomen als maat van de tijd. Het werd avond en het werd ochtend, zo werd de eerste dag geteld. Nox ducere, diem videtur; de nacht slijt, de dag wordt gezien. Zo begint ook de sabbat ’s avonds, Lev.23:32. De uitdrukking nog zoveel nachtjes slapen herinnert hieraan.

 

Peter Kerstholt

 

04-05-2020