Tegemoetkoming

Tegemoetkoming of verlof, vrijlating, barmhartigheid en genade zijn de vertalingen van het Latijnse indulgentia dat staat in de Vulgaatvertaling van de Bijbel in 1 Korintiƫrs 7:6 en Jesaja 61:1 en 63: 7 en 9.

Tegemoetkoming

Tegemoetkoming of verlof, vrijlating, barmhartigheid en genade zijn de vertalingen van het Latijnse indulgentia dat staat in de Vulgaatvertaling van de Bijbel in 1 Korintiërs 7:6 en Jesaja 61:1 en 63: 7 en 9.

 

Het proces van Luther

Anno 1517 nam Luther stelling tegen de aflatenpraktijk waardoor hij in conflict kwam met de toenmalige kerkelijke autoriteiten. De aflaat (indulgentia) was een brief, die een tegemoetkoming was, waarin een er aflaten, dit is kwijtschelding, van tijdelijke straffen voor begane zonden werd verleend op gezag van de paus tegen betaling. Die tijdelijke straffen zouden gelovigen in het hiernamaals te wachten staan. Terwijl het Nieuwe Testament zegt dat straf (poena) verband houdt met (vrees voor) eeuwig lijden (2 Tess. 1:9; 1 Joh.4:18; Judas 1:7 VUL). Zo intervenieerde de paus tussen God en gelovige en ontving de kerkelijke staat inkomsten die werden aangewend voor de bouw van een grote basiliek en andere dingen. Door deze praktijken waren er die lichtvaardig over zondigen gingen denken en kocht men zich zelfs valse zekerheid van behoud. Deze gang van zaken zette Luther als theoloog aan het denken. Dit mondde tenslotte uit in het schrijven van 95 stellingen, die Luther aan de deur van de slotkerk te Wittenberg bevestigde. De centrale thema’s ervan zijn zonde, schuld, vergeving, straf, aflaat, vagevuur en gezag van de paus. Luther had besloten deze stellingen te poneren als dispuut. Op de stellingen werd in het begin nauwelijks gereageerd, maar later wel, toen ze door Duitsland waren verspreid. En ze brachten de nodige opschudding. Toen de stellingen Rome bereikten raakte Luther in opspraak en hij werd beschuldigd van ketterij, dat is onware leer. Hij werd gedagvaard naar Rome te komen, maar Luther trachtte het proces op een neutrale plaats te laten plaatsvinden met andere rechters. Het getouwtrek ging zolang door totdat er 15 juni 1520 een officiële reactie kwam vanuit Rome, die Luther pas in oktober van dat jaar -deze maand 500 jaar geleden- bereikte, in de vorm van een bulle. Daarin werden 41 stellingen van Luther veroordeeld en hem gevraagd binnen 60 dagen zijn uitspraken die strijdig zouden zijn met het leergezag terug te nemen. Luther weigerde dit, hield vast aan zijn stellingen en was ondertussen begonnen zijn drie grote hervormingsgeschriften te schrijven en uit te geven. Dat alles bij elkaar leidde tot zijn excommunicatie op 3 januari 1521 wegens halsstarrige ketterij.

 

God komt ons in Christus tegemoet

Door het grondig bestuderen van het Nieuwe Testament met name de brief aan de Romeinen ontwikkelde Luther zijn genadeleer. Door het overpeinzen van Rom. 1:17 ontving Luther de heilige Geest, dat hij in zijn eigen woorden omschrijft als: “Daar voelde ik mij als het ware wedergeboren en geloofde ik door open deuren het paradijs binnen te gaan.”[i] Luther kwam tot de verlossende zekerheid dat de rechtvaardiging van de zondaar niet tot stand komt door enig godvruchtig werk, hoe ook genaamd, maar dat zij is een genadegave Gods. Dat is Luthers ontdekking van het blijde Evangelie, de solafideleer. Dat is Luthers ingaan tot het Koninkrijk Gods. Dat bracht in hem een totale omkeer teweeg. Want voor die tijd was Luther namelijk niet zeker van zijn zalig zijn. Nu had hij de absolute voelbare heilszekerheid. 

Immers vaak geloven mensenkinderen eerst op gezag van anderen en pas later zelf door een persoonlijke ervaring die een bijzondere openbaring is. Daar is de parallel met Handelingen 8:16, waar de heilige Geest, de heiligmakende genade, nog over de gelovigen moest komen. Het was namelijk de heilige Geest die Luther uittilde boven de wind van leer en deed inzien hoe nu werkelijk de vork in de steel zit. De leer van de paus bleek in deze onhoudbaar. Want niet langer werd gemeend dat de paus werkelijk de macht had van God om strafkwijting te verlenen en dat hij door de heilige Geest werd geleid laat staan over de heilige Geest kon beschikken door handoplegging. Deze visie doorbrak het collectief katholiek volksgeloof en bracht veel beroering teweeg. Het plaatste deze leer van de R.K. Kerk in een ander licht. Het was het begin van de zogenaamde Reformatie. Want: “De straf (discipline), die ons de vrede aanbrengt, was op Hem” (Jes. 53:5 iuncto 1 Petr. 2:24). Die vrede wordt slechts ervaren door het geloof in de Zoon van God, Jezus Christus en de zekerheid van zalig zijn, van behouden zijn, wordt gegeven door het ontvangen van de Heilige Geest, Die van God komt. Dat is de volle tegemoetkoming die God verleent.  

 

Auteur: Peter Kerstholt

 

[i] Inleiding op de Latijnse uitgave van Luthers werken, 1545; Handboek der Kerkgeschiedenis,  deel 3, de Jong, 4e druk, 1948.

08-10-2020